Aida is de naam van een opera van Giuseppe Verdi. De liefde voor muziek, voor opera en voor Verdi in het bijzonder, was doorslaggevend voor de naam van het bedrijf. Rosa is een vrouwelijke voornaam. Dat roze de bedrijfskleur is geworden, is een eerbetoon aan de partner van de oprichter. Of beide verhalen helemaal kloppen, doet hier niet ter zake. Het zijn mooie verhalen die getuigen van de passie en visie van een pionier.
De banketbakker Josef Prousek kwam tijdens zijn omzwervingen naar Wenen en nam daar in 1913 samen met zijn vrouw een banketbakkerij over. Het bedrijf werd uitgebreid tot een grootschalige banketbakkerij en omgedoopt tot „Chocolaterie u. Gross-Konditorei ‚AÏDA‘ Prousek & Co“. Daarmee werd de basis gelegd voor de ontwikkeling van een modern koffiehuisconcept dat vandaag de dag nog steeds geldt: Onder één merk worden op verschillende locaties dezelfde producten aangeboden. Er zijn duidelijke kwaliteitsnormen en een herkenbare merkidentiteit. Kenmerken die tegenwoordig de term „systeemgastronomie“ definiëren, werden destijds bij Aida al toegepast. Al vóór de Tweede Wereldoorlog waren er 11 Aida-vestigingen in Wenen; daarna werden de vestigingen geleidelijk weer opgebouwd.
Josef Prousek liet zich waarschijnlijk door Italië inspireren: snelle koffie, in combinatie met een taartje tegen een betaalbare prijs, in een sfeervolle omgeving. Eind jaren veertig brachten hij en zijn zoon Felix de eerste espressomachine, een La Carimali, vanuit Italië mee naar Oostenrijk. De ingebruikname ervan in een Aida-vestiging in het centrum van Wenen was een sensatie.
Ook buiten Oostenrijk zijn er Aida-vestigingen, momenteel in München, Berlijn en Jeddah. Wat de inrichting betreft, zijn er geen strikt voorgeschreven regels; van hip tot nostalgisch is alles vertegenwoordigd. Aan de kwaliteit wordt echter nergens afbreuk gedaan. Aida maakt alles zelf en met de hand: crèmes, deeg, jam. Het assortiment omvat alles wat men van een Weense banketbakkerij verwacht en waar veel vraag naar is: crèmeschnitte, apfelstrudel, topfengolatsche – uiteraard worden hier ook moderne trends uitgeprobeerd. Dagelijks worden er in Wenen ongeveer 3 ton bakkerijproducten geproduceerd, ook voor de vestigingen in het buitenland. Om hier de kwaliteitsstandaard te waarborgen, wordt er gebruikgemaakt van een speciale snelkoeltechnologie.
Welke Weense banketbakkerij de beste crèmeschnitten bakt – dat is een lastige vraag. Aida kan echter aanspraak maken op het oudste recept voor crèmeschnitten: de pionier en oprichter van het bedrijf, Josef Prousek, en zijn zoon Felix hebben in 1943 alle recepten opgeschreven. Deze aantekeningen werden in 2018 gevonden. Daarin staat dat de crèmeschnitten al sinds 1913 volgens dit recept worden gebakken.
Innovatief ondernemerschap lijkt in ieder geval in de familie te zitten. Inmiddels staat de vierde generatie aan het roer en loodst het bedrijf vakkundig tussen traditie en moderne benaderingen door de koffiehuisbranche.